Vianenstraat

1985 – 1988 Rondzwerven in het Gein en de Misfit Cities

Daar wonen we dan met zijn drieën. Nou ja, eigenlijk gaat het helemaal niet. De twee dames willen voortdurend alles ‘encounteren’ als een manier om hun zin door te drijven en ik slik dat ook nog (ik denk dat het zo hoort met mijn Humaniversity achtergrond). Ondertussen komt er van Bhagwan het bericht dat de rode kleren niet meer ‘verplicht’ zijn. Hij heeft zelf trouwens de naam ‘Bhagwan’ gedropt en heet nu enkel ‘Shree Rajneesh’, wat daarna gevolgd wordt door ‘Our Beloved Master’ en daarna door ‘Osho’ - waar ik nooit aan gewend zal raken. Anyway, zodra het bericht komt dat rood niet meer hoeft is het ook gauw gedaan met het dragen ervan. Ik zal wel snel nieuwe kleren gekocht hebben, dat weet ik niet meer. De mala draag ik nog wel, maar ook dat zal niet lang meer duren. Bhagwan zelf is geschokt dat de sannyasins zo snel andere kleuren gaan dragen. Tja.

Overal beginnen nu sannyasins de lege huizen in het Gein te betrekken. Aan het eind van de straat is een soort groepshuis (o.a. met Ma Prabatho en Ma Nadamo) waar meerdere mensen samenwonen en waar regelmatig meditaties gegeven en video’s vertoond worden.

Ik vind een uitzendjob via Randstad in het AMC en kan daar helpen in de voedingsbodemkeuken van het baclab. Het hoofd heet Martine en er werkt ook nog een oudere man en nog wat mensen die ik me niet meer herinneren kan. Het werk is niet al te inspirerend, maar het gaat. Erger is de werkmentaliteit van de meeste mensen. Bijna iedereen loopt de kantjes er af en staat al om 10 voor 5 klaar om te vertrekken. Dit is wel heel anders dan de Humaniversity. Ik heb er eens alle kasten uitgesopt en geordend, gewoon uit mezelf. Ik kan toch moeilijk met mijn duimen draaien? Ik vind het ook moeilijk dat de mensen die er werken niet ‘huggable’ zijn.

Ik herinner me nog het uitgieten van de ureumbuizen en dat Martine vaak zegt: “Such is life and it gets sucher and sucher”.

Als ik niet werk trek ik een uitkering van de sociale dienst. Daarvoor moet ik soms naar het GAK-hoofdkantoor. Ik voel me absoluut niet thuis tussen de (vaak) haveloze steuntrekkers.

Sharya werkt ook in het AMC als verpleegster en we spreken vaak af tijdens de lunchpauze. Van het een komt het ander en ik heb ook een paar dates met haar en ik zou dat wel in een vastere relatie willen omzetten. Sharia niet, die date tussendoor ook nog Hridaya en ik denk ook haar ex-lover Dirk, een gladjanus die de guru speelt ergens in de stad. Ik ben best jaloers.

Naar het AMC of de stad reis je het beste en snelste met de metro. De verschillende haltes worden afgekondigd door de typische stem van Philip Bloemendal, die daarvoor ook de stem gedaan heeft van het Polygoon bioscoopjournaal (http://upload.wikimedia.org/wikipedia/com- mons/f/f3/Honkbalwedstrijd_Nederland-Belgi%C3%AB.ogv).

Boodschappen worden gedaan in de Boni-supermarkt in het Reigersbos of in de C-1000 bij de eindhalte van metro Gein. Vaak worden de boodschappenkarretjes vol boodschappen doodleuk mee naar huis gereden en eindigen soms in de grachten die door de wijk lopen. De waterhoentjes maken er dan nesten op.

Ondertussen zijn er allerlei mensen in het Gein komen wonen die ik ken. Veeru en Nadamo. Bart en Christine, Geha, Supriti, Dwarika met haar kinderen, net als Moonje en haar kinderen en nog vele anderen.

Af en toe ga ik ‘swingen’ in de Zorba de Buddha sannyasdisco in het centrum. Voor de avond echt begint komen alle medewerkers de bezoekers groeten met een namasté (doen ze ook de gacchami’s in het begin?). Het is er helder en licht en ze hebben goeie muziek. Er zijn soms lange rijen voor de ingang.

In oktober is het liedje op de Vianenstraat 114 al uit. Ik weet niet meer precies hoe het zit maar ik kom terecht op het Vreelandplein 42 waar onder andere Vibhuti woont en ook Bertil Amelings, maar ik kan me niet herinneren dat ik daar ook echt gewoond heb. Ik krijg een relatie met Bertil en we verhuizen naar een appartement in de Veldhuizenstraat (46). Daar hebben we een tijdje samengewoond en bezoeken we Bertil’s familie op Terschelling.

Tezelfdertijd komt Sat Savya ook in het Gein wonen en richt in de Portengenstraat een nieuw centrum op dat ‘Dze Banana’ genoemd wordt. Behalve Sat Savya zijn ook Anatto, Bodhiprem (of te wel ‘Bingel’) en Simant betrokken en noemen zichzelf de ‘bende van vier’.

Eigenlijk is het een kunstenaarswoning in 2 verdiepingen, met op de bovenste verdieping een grote open ruimte die als atelier kan dienen, maar in deze context natuurlijk als groepsruimte ingezet wordt. Dze Banana geeft ook een blaadje uit, de ‘Gein Connection’, dat door Simant in elkaar wordt gezet.

Ik voel me helemaal niet goed en ga voor counseling naar de Humaniversity. Ik blijf er een paar dagen en daar blijkt dat ik mensen mis, connectie, excitement. En dus denk ik erover om helemààl terug te keren. Ondertussen besluit Bertil om haar zoontje Giorgo uit Griekenland naar Nederland te laten komen. Dat zie ik dan weer niet zitten, waarom weet ik niet meer precies. Heeft het met de vader te maken? Ik kan me nog vaag herinneren dat er iets niet klopt, waardoor ik afhaak. Het draait er op uit dat zij naar de Humaniversity gaat en ik niet.

Ik kan opnieuw verhuizen en kom terecht op de Vianenstraat 99, bovenste verdieping. Om de huur te drukken en voor de gezelligheid komt ook Simant bij mij wonen. Ik koop een bakfiets en rijd daar elke vuilnisbakkendag mee door de omringende wijken. De bakfiets heet Bingo, omdat ik altijd wel wat vind dat ik kan gebruiken voor het huis, inclusief een tv, wasmachine, vloerbedekking, alles.

Ik herinner me dat ik me op een dag verveel. Een feestje zou leuk zijn, dus ik bel iedereen in de buurt op en Simant gaat een krat bier halen. Een uur later begint het feestje en wordt één van de leukste feestjes ooit. Ik maak kennis met een Engelse: Ma Santosh Neha en ik vind haar heel leuk. Dus laat op de avond vraag ik haar of we iedereen naar huis zullen sturen en zij vindt dat ook een goed idee... De volgende morgen gaat ze naar huis maar blijkt haar diafragma vergeten te zijn. Dat wordt dus de aanleiding voor nog een date en binnen de kortste keren is er sprake van een relatie. Op datzelfde feestje komt Sat Savya mij vragen of ik niet mee wil helpen, met name met de horoscoop. Neha en ik hebben die toen samen in bad zittend in elkaar geflanst. En ook de volgende horoscopen maken we samen.

Het centrum van Sat Savya wordt Misfit City Gein met Sat Savya als ‘mayor’ en dus rechtstreeks geaffilieerd aan de Humaniversity. Srajan leidt in het centrum van de stad Misfit City Amsterdam. De twee centra en hun mayors worden na een tijdje door Veeresh ‘getrouwd’ en zullen voortaan (‘moeten’) samenwerken, zoals het organiseren van een Giggleshock Festival en de Giggleshock Express, beide bedoeld om de nieuwe zomer-maand-groep op de Hum te promoten. Andere activiteiten van Misfit City Gein zijn o.a. een crèche (geleid door Suvarna), de Rajneesh meditaties, video, Yoga met Hridaya en T’ai Chi - eerst met Srajan, later met Goei Gik Hok. Ik doe ook mee, maar krijg helaas last van mijn knieën en moet er mee ophouden. Er wordt ook een zangkoor gevormd waaraan ik meedoe als tenor (net als Nadamo). Grappig. Het heeft alleen niet zo lang geduurd volgens mij.

De Gein-Connection publiceert een gedicht van mij, waar ik al heel lang mee bezig ben:

In the deep-dark blue of the dawning morning:

The full moon

Standing in front of the ocean

A seagull screams

Suddenly splitting

the Silence

Ook leuk is het ontstaan van de Rooie Gids, waarin de adressen en telefoonnummers van alle sannyasins en vrienden in het Gein terecht komen. De adressen worden in het begin verzameld door Ibkaar en later door mij en Simant (of is het andersom?) door huis aan huis aan te bellen. Er blijken op een gegeven moment al meer dan honderd sannyasins in het Gein te wonen! Simant en ik verzorgen de lay-out, wat in die tijd nog wil zeggen: typen op een typemachine en Letraset-letters afwrijven en veel knippen en plakken - leuk! Het boekje, net als alle flyers en de Gein Connection worden gefotokopieerd door de Copyrette aan de Weteringschans (later Amsteldijk), waar we een abonnement hebben.

Elke vrijdagavond is er nu Banana Night, een café-annex disco-gebeuren. Er komen veel mensen uit de buurt naar toe.

Ergens in die tijd begint ook het experimenteren met XTC. We richten de groepsruimte in met matrassen en kussens en nemen als groep van 10 / 15 mensen zo’n pilletje in, zorgen voor voldoende water en vitaminen en zien wat er gebeurt... Na een half uurtje begint het te werken: mijn mind is heel ver weg en hoor ik bijna niet meer. Mijn hart is zacht en ik voel me heel goed naar iedereen. Ik ga van persoon naar persoon en het prettige is dat weggaan van iemand geen enkel schuldgevoel geeft. Ik merk dat ik enkel de waarheid kan vertellen, vooral in mijn relaties met anderen. Ondertussen voel ik wel dat mijn fysieke hart sneller klopt en dat ik regelmatig met mijn tanden knars. In een gesprek met Simant gebeurt er iets zeer merkwaardigs. We zijn allebei in een fantasie terechtgekomen, ergens in Japan. We bevinden ons op een brug. Simant begint te huilen en ik weet meteen waarom. Terwijl ik het beeld zie, maar niets erover zeg (!), vertelt Simant wat er gebeurt: hij hakt mijn hoofd eraf. Ik herinner me nog vaag dat het een dispuut betrof over een vrouw. Is dit nu een ‘past life’ervaring? Tot op de dag van vandaag heb ik hiervoor geen verklaring.

De volgende ochtend maken we een wandeling langs de Gaasperplas. Ik voel me heel frêle en kwetsbaar. Mijn zintuigen staan wijd open. Ik ruik ineens de geuren van de aarde, geuren die ik nooit eerder geroken heb. Tegelijkertijd voel ik dat mijn lichaam uitgeput is en rust nodig heeft.

Ik ben helemaal enthousiast over XTC en wil er alles van weten. Ik bezoek zelfs de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag om het patent in te zien van de werkzame stof MDMA. Zo kom ik te weten hoe het gemaakt kan worden, nl. van een stof in de plantaardige olie uit de wortel van de sassefras-boom (‘safrool’). BTW, op dat moment is XTC nog volkomen legaal.

Ook de Humaniversity experimenteert met de stof en ik ben een keer met een groep mensen zo’n ‘geleide meditatie’ gaan bijwonen. Met zo’n honderd mensen in de Ping Pong-room en iedereen is lief en zacht. Prachtig.

Niet lang daarna wordt MDMA helaas verboden, wegens misbruik in discotheken, etc. Het wordt meteen ook moeilijker om een goede, zuivere kwaliteit te krijgen.

Samen met Misfit City Amsterdam wordt er een groep georganiseerd met Veeresh en Suddha: “Together again, still crazy after all these years”. Ik vind het amazing dat die twee daar midden tussen al die mensen zitten te keuvelen, blijkbaar volkomen op hun gemak...

Ook de beroemde Maneesha komt ons bezoeken. Ze geeft een Dance workshop.

Een andere opmerkelijke gast is Satyamurti, die speciale sesies geeft in dehypnose. Satyamurti heeft geen paspoort en geen vaste verblijfplaats en is op die manier onzichtbaar voor het ‘sys- teem’.

Ik heb nog eens een uitzendjobje gehad, ergens anders in het AMC en dit was om de personeelsbudgetten te redden. Met andere woorden: er is praktisch niets te doen. Wel leuk is dat ik af en toe coupes mag maken (?) voor de elektronenmicroscoop en ook in de donkere kamer foto’s mag ontwikkelen die door de camera van de microscoop gemaakt zijn.

De club mensen rond MC Gein krijgen het ook voor elkaar om een nieuwe Hap Ki Do-klas in te richten. Ene Master Park wordt aangetrokken om de trainingen te leiden. Ik meen me te herinneren dat de training in een school plaatsvindt (in Holendrecht?). Park laat ons ook oefenen met een houten ‘zwaard’.

Ma Dhyan Chanchal heeft zich bij Misfit City Gein aangesloten en woont daar ook, net als Viteshana. De hele club gaat op tournee langs een aantal Misfit Cities (Duitsland, Zwitserland en Italië) om de Giggleshock-groep te promoten (de ‘Giggleshock Express’ met het clublied: ‘Giggleshock - brings you to the top!’). Aan mij wordt gevraagd om de honeurs van de MC waar te nemen. Zo gezegd, zo gedaan. Bij terugkomst wordt Simant aangesteld als ‘deputy mayor’; Ik vind echt dat mij die plaats toekomt en ben diep teleurgesteld, temeer omdat het duidelijk is dat Sat Savya Simant deputy maakt omdat ze een relatie met hem heeft. Ik begrijp wel dat Sat Savya Simant niet voorbij kan gaan, maar dit is voldoende om mij een behoorlijke depressie te bezor-gen, die zo ver gaat en zo lang duurt dat Neha het uitmaakt met mij omdat ze het niet aan kan.

De oude Misfit City Amsterdam gaat ter ziele en MC Gein neemt als enige Amsterdamse MC de naam over. Samen met Nadamo, Simant, Urja, Neha en Sarah richt ik ‘Misfit Graphics’ op dat zich gaat bezig houden met het vervaardigen van de Gein Connection, flyers en allerlei andere toegepaste kunst. Een lang leven is het niet beschoren geloof ik. Nadamo maakt prachtige tekeningen in klare lijn en heldere kleuren, onder andere voor op de voorkant van de Rooie gids, 2e editie.

Ergens aan het eind van deze periode is Simant bezig met het maken van zetwerk op een computer (een Intel 80286 met monochrome monitor). Ik weet niet meer of dat in Dze Banana is of ergens anders. De computer draait nog onder DOS en het zetwerk wordt gemaakt in een programma dat Xerox Ventura Publisher heet en dat zijn eigen grafische schil gebruikt (GEM). Ik vind het fascinerend. Vaag zijn de herinneringen dat het zetwerk eerst vanaf PostScript-bestanden wordt uitgedraaid bij de mensen van de grote commune, de Stad Rajneesh (wordt daar de Rajneesh Times gemaakt?) en dat we dit later laten doen in één of andere drukkerij of zetstudio waar ze werken met dure ‘paperwhite’ monitors, ergens aan de andere kant van het Reigersbos, waar we ‘native’ Ventura-bestanden kunnen aanleveren. Er werken leuke mensen.

Chanchal, ik, Sat Savya, Veeru en nog anderen maken een reis met als doel het promoten van de Giggleshock groep op de Humaniversity via o.a. Misfit City Basel naar Cocquio in Italië. Daar wonen Siddhakam en Pujarin en er is een soort van feest of groep gaande. Ik kom op dat feest een meisje tegen waar ik hals over kop verliefd op wordt. Haar naam is Roberta en ze doet me aan mezelf denken. Ik wil alleen maar bij haar zijn en verder niet en dat is wederzijds. Heel vreemd, een soort van bewustzijnsvernauwing. Bij het afscheid van het feest moeten ze mij praktisch lostrekken en huilend stap ik in de auto om weg te rijden. De misfit mayors van Basel zijn later nog eens op bezoek geweest in Mudita en ik herinner me dat er iets was met hen, vooral de manlijke helft van het koppel (freeloader? don juan?).

Ik weet niet meer hoe het eigenlijk is afgelopen met Dze Banana / Misfit City Amsterdam. Komt het omdat Sat Savya verhuist? Heb ik me eerder al teruggetrokken? Zou best kunnen.

2 april 2019 Suvarna via Facebook:

“Ik lees net dat je niet weet wat er is gebeurd met de Banana? Welnu, die had ik overgenomen van SatSavya toen het uitging tussen Simant en haar. Ik heb het met Bodhichitta een paar jaar gerund met massageavonden, lezingen en de crèche. Ook het vliegtuigspel was bij ons. Best leuk!! Robert en Jikra huurden kamers. Toen het uitging tussen Bodhichitta en mij ben ik in Mudita gaan wonen met Laya. Met Bodhi afgesproken dat hij in de Banana kon blijven wonen samen met Robert en Jikra, als hij wel de huur zou innen en betalen aan de woningbouw vereniging. Bodhichitta ging in die tijd ook in business met Abodha. In de tijd dat ik in Mudita woonde heeft Bodhi me verschillende keren verzekerd dat alles goed ging. Niet dus. Want na een jaar kreeg ik een lacherig telefoontje dat: oh Suvarna, morgen komt de deurwaarder!! En kort daarna kreeg ik bericht van de woningbouw dat de huur een jaar lang niet betaald was!! Tot op de dag van vandaag weet ik niet wat hij met het geld van Robert en Jikra heeft gedaan. Omdat Bodhichitta niet lange tijd daarna een hersenbloeding heeft gekregen heb ik de zaak laten rusten. Het was wel het einde van mijn naïviteit op financieel gebied.”

Gein Connection nr 6 is het laatse nummer en dat is in augustus 1986 uitgekomen. De Rooie gids is van september ‘86.

Voor de Giggleshock zelf, op de Humaniversity, heb ik me aangemeld als werker. Ik heb gratis kost en inwoning en mag aan sessies meedoen als ik daar zin in heb. Niet veel dus. Ik werk in Pro, dat nu binnenshuis is, samen met Bavala en Afke. Ik help ook de opslagruimte te verbouwen tot een Dojo voor de Hap Ki Do. Het kidshouse is koffieshop geworden. Waar de kin- deren zitten weet ik niet meer. Misschien waren er op dat moment geen kinderen in de commune. Het zou zelfs kunnen dat er besloten is om geen kinderen meer toe te laten. Ik kan me vaag een sessie herinneren met de beroemde Margo Anand Naslednikov.

Ik moet ook ergens nog een keer als worker gewerkt hebben tijdens een andere Bodhidharma-groep. Dus het kan best dat ik de gebeurtenissen van beide keren door elkaar haal. Ik kan me wel herinneren dat ik tijdens één van deze periodes Abodha tegenkom op de Hum.

BTW, het is nu mode als sannyasin om je sannyasnaam te combineren met je paspoort achternaam: dus: Chinmayo Haarmans, Veeru van der Koore, Simant Melse, enz.

Veeru raadt mij aan om rijlessen te nemen en ik ga daar op in. Ik heb 7 lessen à 70 gulden per les, maar vergeet al gauw dat ik les heb en de rij-instructrice staat beneden aan de stoep vergeefs op mij te wachten. Blijkbaar interesseert het me niet echt. Ik kom overal waar ik wil met fiets en openbaar vervoer, dus waarom zou ik?

Ik weet niet meer precies wanneer de traditie ontstaan is, maar ik ga een aantal keer met Veeru en anderen naar de Humaniversity om daar te klaverjassen bij Shikara in Pandora’s Box. Erg leuk. De laatste keer voor mij is ergens begin jaren 90, want ik herinner me dat Shikara al de CD van Nirvana in huis heeft met het nummer ‘Teen Spirit’.

Ik herinner me ook sessies die ik heb met een masseuse ergens aan de andere kant, metro-gewijs, van het Reigersbos. Waarschijnlijk shiatzu of zo iets. Ik weet nog dat er een vaag seksuele sfeer hangt en dat we na de massage gezellig nababbelen op haar balkon, maar ik ben op dat moment ‘bezet’.

Nog een vage herinnering is het werken voor Frank Natale, via Dwarika die ook voor hem werkt in de Crystal Palace aan de Haarlemmerstraat. Ik weet niet meer wat ik precies moet doen, het zal grafisch ontwerp geweest zijn. Ik weet wel dat Frank het op een bepaalde manier wil, maar dat ik het anders zie. Dat stuit Frank tegen de borst en de samenwerking wordt beëindigd. Veel van geleerd: zo niet dus. Frank heeft ons ook eens uitgenodigd in een duur Teppanyaki-restaurant in de stad. Ik ben maar een armoezaaier en vindt het moeilijk om in te nemen, net als de dure jas die ik van hem krijg (en vernaggel omdat ik ermee in de regen loop).

Ik breng, met nog iemand, een bezoek aan Chinta (Cevapcici) in de stad, die daar samenwoont met een volstrekte mafkees, die later nog in een zelfgemaakte hut in de bosjes rond het Gaasperplas gaat wonen. Nog iemand die ik ontmoet is ene Punyam, een jonge gast die vooral met Santosh gewerkt heeft en op dezelfde manier (heel traag) praat. Ik ben onder de indruk van de manier waarop hij zich in zijn onderhoud voorziet: hij goochelt in de zomer voor de terrasjesgangers aan de Spaanse costa’s en verdient daar zoveel geld mee, dat hij ‘s winters niets hoeft te doen!

Sharya woont in mijn oude huis Vianenstraat 114 samen met Swabhava en krijgt een zoon van hem, die in de Rooie Gids ‘Lion’ genoemd wordt, maar volgens mij toch Aurelio heet. Zij krijgt een postnatale depressie en gaat totaal psychotisch. Ze vinden haar helemaal in de war bij een boom op het parkeerterrein van het Veenendaalplein. Ik herinner me nog dat ze wat later bij mij thuis is en nogal keihard feedback geeft op mijn relatie met Patanga. Het doet me meteen denken aan de psychotische episodes van mijn moeder. Hoe het verder met haar gaat weet ik even niet. Ze komt later nog in Mudita te wonen. Anyway het is uit tussen Sharya en Swabhava, die daarna een relatie krijgt met Anupassana.

In de winter is de Gaasperplas helemaal bevroren en kunnen we naar de overkant lopen. Er wordt druk geschaatst.

In het andere groepshuis aan de Veldhuizenstraat woont Supriti, samen met een zootje ongeregeld dat van het huis een complete puinhoop maakt. Ik geloof dat er zelfs kippen binnen worden gehouden. Ik vraag Supriti voor een date en dat klikt wel. Niet lang daarna zal Supriti bij mij intrekken (Simant is dan al weg - naar Sat Savya?).

We hebben wel een leuke tijd en ik herinner me vooral dat Patanga eens bij ons is en dat we voor de grap doen alsof ik al grootvader ben en me laat bedienen. Wat ik niet kan uitstaan van Supriti is haar idee van gediscrimineerd te worden, wat totaal niet waar is. Ze beroept zich vaak op het feit dat ze zwart, indiaans en joods bloed heeft, met andere woorden heel speciaal is, maar speelt tegelijkertijd slachtoffer. Het maakt me een keer zo kwaad dat ik met mijn vuist keihard op de tafel sla van machteloosheid.

Supriti en ik besluiten om zelf een Misfit City in het leven te roepen: Misfit City La Villa. Tijdens een sherryhour op de Humaniversity leggen we ons plan voor aan Veeresh en krijgen zijn blessing. Op de een of andere manier komt hier ook ene Thomas Philips in de picture, waarom weet ik niet meer, maar het klikt nogal tussen Supriti en Thomas.

Ik kom ook in contact met de Canadees Rafeek, die verderop tegen het Reigersbos woont. We hebben samen een plan om iets unieks te creëren. Het wordt een tijdschrift dat ‘This is it’ gaat heten, waarin van allerlei onderwerpen het beste van het beste wordt getoond en beschreven, bijvoorbeeld: waar kun je de beste frieten eten? We maken druk plannen en ik ben al bezig met logo’s en dergelijke.

In de metro kom ik een paar keer een paar vervelende, coked-up Marokaantjes tegen. Ik zit de eerste keer met Supriti en ze vragen of ik een relatie met haar heb. Ze vinden dat niet ok, omdat ik wit ben en zij zwart. De tweede keer kom ik ze weer tegen en ze beginnen weer vervelend te doen. Ik steek mijn middelvinger naar hen op en dat had ik beter niet gedaan. Als ik uitstap stappen zij ook uit en een van die gasten begint te schoppen naar mijn gezicht. Ik raak twee voortanden kwijt en ik kan niks doen. Ben verlamd door de agressie.

Ergens in deze periode slaat mama weer eens door en belandt weer in Castricum. Als ze hier weer weg mag neem ik haar mee naar de Humaniversity in de hoop dat ze daar iets met haar kunnen aanvangen. Er wordt besloten om het er op te wagen. Ze moet wel haar medi-cijngebruik stoppen. Dat is geen goed idee. Na een dag of zo loopt ze weg, volkomen in de war. Ik weet niet meer goed hoe het verder gaat, maar er staat me iets bij dat ze thuis op het Haringvliet in haar blootje in de tuin staat te schreeuwen en moet worden opgenomen. Nu komt ze in Heiloo terecht, waar ze haar volstoppen met antipsychotica.

Ik sta eens op een dag op ons balkon en van de overkant links beneden komt keiharde muziek: ‘Burning down the house’ van Talking Heads. De muziek komt uit het groepshuis aan de Veldhuizenstraat. Er zijn daar nieuwe mensen komen wonen die een nieuwe commune aan het inrichten zijn, ‘Mudita’ genaamd. We hebben al eens een flyer in de bus gehad waarin stond dat je daar ‘Muditations’ kan doen. Er wonen ook een aantal mensen die ik ken, onder andere Anatto en Bodhiprem. Het klinkt allemaal best exciting en we besluiten om daar eens een kijkje te nemen.

In Mudita komen we op een vergadering terecht van alle bewoners en enkele buitenstaanders zoals Supriti en ik. Swami Abodha zwaait er de plak. Die is, verneem ik later, door Nagarjuna (Robbert), Zeno, Bodhiprem en Anatto uitgenodigd. Zeno aan het woord in een brief die jaren later gericht zal zijn aan Patanga:

“Hoe ook, het meest oorspronkelijke plan was om in Gein een commune op te richten. Abodha hebben we gevraagd daar deel van uit te maken. Wij kenden Abodha van de Humaniversity (Giggleshock), waar we hem hadden leren kennen als een zachtaardig persoon die de klappen van de zweep kende. Hij stond als vriend dicht bij Veeresh en ook dat boezemde vertrouwen in. Abodha kwam van ver; woonde in een caravan ergens in de bossen van de Veluwe. Doodde daar de tijd met drinken en het opknappen van een oude Engelse taxi. Ik herinner me nog goed, dat Robbert en ik eens na een bezoek aan hem overwogen de plaatselijke politie te alarmeren. We maakten ons namelijk zorgen over Guruta, die Abodha een poets zou hebben gebakken en door laatste serieus werd bedreigd.

Ik schrijf hierover om duidelijk te maken dat Abodha destijds op ons verzoek naar Gein kwam.

Ook wil ik hiermee aangeven dat we hem vervolgens bijna onvoorwaardelijk ons vertrouwen gaven. Ondanks aarzelingen, die we van begin af aan hadden. In een dramatisch eerste bijeenkomst (we zaten nog op de verhuisdozen) vroeg Abodha onze toestemming om aan de nieuwe commune leiding te geven. De condities waren duidelijk; inspraak was er niet meer bij. We konden hem maar het best gewoon vertrouwen. Zo niet, dan was het einde verhaal. Onze ‘pro from Dover’ zou vanaf dat moment de commune leiden. Nagarjuna tekende voor de spirituele en meditatieve kant. Bodhiprem werd verslaglegger. Anatto tekende voor het huis. Ik deed ‘finance’. De naam Mudita kwam korte tijd daarna, via Jikra uit Poona.”

Op de vergadering wordt er door Abodha gevraagd wie er mee wil op reis naar Frankrijk, naar Mas Caraus in de Oostelijke Pyreneeën om precies te zijn. Ene Jan Wernink leidt daar een gemeenschap voor ex-verslaafde jongeren. Niet alle bewoners zijn even enthousiast, maar Supriti en ik hebben er wel zin in. Abodha probeert de bewoners die niet willen nog over te halen door er op te wijzen dat enkele buitenstaanders (wij dus) mee willen. Wie gingen er allemaal wel mee? Ik herinner me Nagarjuna, Vasanti, Suvarna (Paula Schaapsmeerders) en Sharan (Dick Elzinga), een Schotse jongen met de naam Gordon Clark en van de rest weet ik het niet meer (mogelijk: Zeno, Ketan, Anatto, Bodhiprem, Ratna).

We vertrekken met een kleine vrachtwagen naar Frankrijk. Van de rit zelf kan ik me niet veel meer herinneren. Vaag: Perpignan en/of Montferret. Als we aankomen in Mas Carous en kennis maken met Jan en de gemeenschap daar moet ik huilen. Het is er prachtig en voelt onmiddellijk aan als thuis. Er wordt gegeten van het land, er zijn open haarden, bij elke maaltijd is er wijn. Ik heb nog dikwijls gedacht dat ik zo zou willen leven, maar wellicht zou ik het na een tijdje toch ‘boring’ gevonden hebben, en toch...

Een van de heuglijkste belevenissen in mijn hele leven tot nog toe is het volgende: We zijn met een aantal mensen op weg in ons vrachtwagentje om een kort bezoek te brengen aan mensen een eind verderop. Ik ken die mensen niet - en ik blijf wachten in de wagen. De zon schijnt, ik heb niets aan mijn hoofd en ineens overvalt me een gevoel dat ik enkel kan omschrijven als absolute tevredenheid. Ik heb vrede met alles, met mezelf en al mijn emoties en met wat er ook gebeurt. Emoties komen en gaan, maar ik vind het allemaal ok. Eigenlijk vind ik helemaal niets. Er is gewoon als onderlaag van het bestaan ‘tevredenheid’, een diepere waarheid over mezelf dan de toevallige emoties en gebeurtenissen. Afijn, bij thuiskomst is er een meeting in het gasten- huisje waar Abodha en Vasanti verblijven. Iemand zegt iets over Abodha wat mij boos maakt. Normaal zou ik mijn mond houden, maar ik kan het niet. Ik zeg precies wat ik denk en voel en dit komt aan bij iedereen en maakt behoorlijk indruk. Nog dagen lang ben ik in deze gemoeds-gesteldheid. Ik vermaak me prima hier. Ik werk in de moestuin en leeg met veel plezier samen met Gordon de strontton die buiten, down the hill, een eind weg van de huizen staat en verbonden is via een pijp met de toiletten. Ik herinner me de gezamenlijke maaltijden en dat ik voor het eerst van mijn leven tuinbonen eet, in de schil en recht van het land. Gesprekken bij open haardvuren. Er is ook nog een bijeenkomst in een van de andere gebouwen, waarbij de mannen vermaakt worden door de aanwezige vrouwen middels buikdansen. Net als Abodha voel ik me als een pasja. Allemaal heel macho en toch vind ik het leuk... Ik kan me verder ook nog een trip herinneren naar Spanje.

Op het eind van de week doet Abodha mij een voorstel. Hij nodigt mij uit om in Mudita te komen wonen. Ik zou ook in staat gesteld worden om een klein laboratorium in te richten om daar bijvoorbeeld XTC te kunnen maken. Er is één voorwaarde: Supriti kan daar niet wonen. Wat een verscheurend vooruitzicht! Bij thuiskomst kies ik voor Mudita, ondanks mijn schuldgevoel hierover. Supriti is woedend, nee hysterisch en vertrekt naar de Humaniversity. Ook Rafeek is woedend, want ons tijdschriftproject kan niet meer doorgaan omdat ik het veel te druk zal hebben...

alt