Egmond

1984- 1985 Grada / Humaniversity - Egmond aan Zee

Ik weet niet meer hoe ik het gedaan heb, maar ik heb alle spullen van mij en Patanga opgeladen in een kleine vrachtauto en iemand rijdt ons naar Egmond. Het grote gebouw boezemt ontzag in en maakt me bang voor de dingen die gaan gebeuren. We parkeren op de parkeerplaats en melden ons bij de receptie. Er hangt een typische geur van Dettol of iets dergelijks in het huis. Ik heb vervolgens een intakegesprek met Ma Joeke en ik denk Premdip ergens in een kamertje dat uitkijkt over de parkeerplaats. Ik kan het Toeristenprogramma doen, maar moet wel vandaag nog zorgen voor de centjes. Dus ik rijd naar Zaandam en leen geld van René en nog een vriend, wiens naam ik vergeten ben en rijd dan weer terug naar Egmond. Daar staan ze met grote ogen te kijken dat ik dit voor elkaar gekregen heb.

Ik kan lang niet alle spullen bij me houden. Mijn bureau schenk ik aan de commune. Het komt in de keuken te staan. Wat er met de rest gebeurd is weet ik niet meer (waarschijnlijk opgeslagen in wat later de Dojo wordt).

Er wordt van ons beiden een polaroidfoto gemaakt die opgeplakt wordt op een groot bord in het kamertje tegenover de receptie bij de hoofdingang. Dit is de ruimte van de Expeditors. Op het fotobord staan alle leden en bezoekers van de commune in hun juiste ‘peergroup’: Tourists, Visitors, Seekers, de twee soorten Citizens, Guests en Staff, met Veeresh, Samahdi en Shikara aan de top. De voertaal is Engels. Hier wonen mensen vanuit de hele wereld. In de receptie hangt trouwens ook de ‘color chart’, waarop de kledingkleuren staan die toegestaan zijn aan sannyasins. Andere kleuren mogen niet gedragen worden.

Patanga krijgt een plekje in één van de paviljoengebouwen, dat ‘Jesus House’ genoemd wordt. Er wonen nog meer kinderen. Ma Dwarika is er ‘in charge’. Haar kinderen heten Daan en Martijn. Verder wonen Fenna en Kieke daar, de kinderen van Ma Prem Moonje. Dan de kleine Ko-Hsuan (bijgenaamd ‘cowboy appelsap’), zoontje van Ma Saroja. Dan is er nog Jonathan, de oudste, een zoon van de Engelse Nirmala en Ma Suvarna heeft er een pasgeboren baby, Laya. Zij slaapt er ook bijna altijd en die eerste nacht slaap ik bij haar. De volgende dag krijg ik een matras en that’s it, in één van de slaapzalen (‘Lao Tse’) in het hoofdgebouw op de eerste verdieping, waar alle Tourists een slaapplaats hebben. Het Touristenprogramma duurt 14 dagen. Ik krijg een nieuwe naam: ‘Voodoo’ en moet ten allen tijde een rode zweetband om mijn hoofd dragen. Daksha is in charge van de Tourists, een kleine, stevige Duitse ma.

De Tourists volgen het ‘schedule’ dat elke dag op het grote schoolbord in de gang tegenover de keuken, naast de Four Seasons - de eetruimte, wordt genoteerd en soms zelfs gedurende de dag wordt aangepast.

Naast het gewone schedule dat voor iedereen geldt die deel uitmaakt van de BRTC, de Bodhidharma Rajneesh Therpapeutic Community met Ma Deva Pujarin in charge, hebben de Tourists nog extra therapiesessies gedurende de dag. Een dag ziet er dan ongeveer zo uit: opstaan > actieve meditatie (meestal Dynamic) > douchen > ontbijt > aanmelden voor werk in de grote therapieruimte, de ‘Ping Pong- room’ > lunch > middagsessies > dinner > de afwas doen (‘dishes’) > avondsessies > Disco in de Boozeria > date/slapen en voor alle sannyasins drie keer per dag de ‘Gacchami’s’. Ik doe graag de dishes en ben al gauw de snelste van iedereen! BTW, naast de keuken bevindt zich ook een kleine ruimte waar mensen hun verloren spullen kunnen terugvinden: de ‘Lost and Found’.

Gedurende het werk worden er met de Tourists regelmatig ‘moodrapports’ gehouden waarbij gepeild wordt hoe het met iedereen is. Dit kan ter plekke gebeuren in de ruimte waar we aan het werk zijn, maar meestal vind dit plaats in de kamer van Gandha, de Buddha Room aan het eind van de gang waar ook de Ping Pong-room is of in de Boozeria. Het werk kan bestaan uit: helpen het huis schoon te maken (‘Sanitation’, of de ‘cleaning’), helpen met het opknappen en verfraaien van het huis (‘Debob’), het kids house krijgt meestal ook nog een Tourist toegewezen om te helpen en dat is het geloof ik. Soms krijgt ook de caretaker van het Samadhi House, waar Veeresh en Samadhi wonen nog hulp. Ik zie me nog met spiritus en krantenpapier de glazen deuren in de gangen schoonmaken.

De Dynamic in de ochtend is wel iets heel anders dan wat ik geleerd heb in het meditatiecentrum in Amsterdam. Véél heftiger en veel effectiever. Er wordt ook flink gepusht door de meditatieleider en helpers. Naast de Dynamic worden soms ook meditaties gedaan die op Grada zelf zijn uitgevonden, bijvoorbeeld ‘Second Wind’, waarbij 2 x 10 minuten lang (!) met de armen omhoog op de plaats wordt hard gelopen, begeleid door opzwepende muziek. De knieën moeten zo hoog mogelijk worden opgetrokken. De eerste keer is dat onmenselijk. Daarna gaat dat steeds beter. Ik sta na 10 minuten in mijn eigen zweetplas te stampen en vind het fantastisch. Een andere meditatie heet ‘Studio 54’. Ik denk dat die voornamelijk uit dansen bestaat. Naast de meditaties wordt er veel groepstherapie gedaan: Encounter in alle mogelijke vormen (waaronder de gevreesde ‘pressure cooker’ en de man-woman war), Flushing en allerlei bio-energetica.

Tijdens mijn touristenprogramma arriveert een meisje uit Joegoslavië. Ze is op de vlucht voor haar broers. Ze heet Ma Chinta, maar krijgt de naam ‘Ćevapčići’. Ik heb er nog een date mee gehad.

Ik steel een keer iets uit de keuken en krijg prompt een ‘assignment’: ik moet een bord omdoen waarop staat: ‘I cheat, I lie and I steal’; dit moet ik stiekem onder mijn jas doen. Ik moet ook een hoed opdoen en sluipend langs de muren lopen. Een dag lang. Ik denk dat ik geen zin meer had in de zoveelste boterham met jam of pindakaas die je de hele dag door kan maken in een speciaal hoekje van de Four Seasons: de ‘sneakerscorner’. Ik denk trouwens dat ik iets gestolen heb uit de ruimte achter in de keuken waar alle voorraden worden opgeborgen: het zogenaamde ‘Warehouse’. Ik herinner me dat ik een keer een paar dagen bezig ben geweest om deze ruimte netjes te maken.

Zoals zoveel mensen loop ik een oogontsteking op. Ze zeggen dat dit komt door de intense therapie: alle ‘shit’ komt eruit...

Na een van de weekendgroepen zie ik mezelf een sigaretje roken in de ‘smoking temple’ buiten het huis. Ik heb me tijdens de groep leeggehuild. Ik voel me sereen, ‘gecenterd’, ‘leeg’ en tegelijk gevuld door iets wat je ‘liefde’ zou kunnen noemen. Iemand gooit een peukje op de grond. Ik ben gelijk helemaal ‘upset’ over het feit dat iemand zo nonchalant kan zijn en ik roep die persoon tot de orde. Ik begrijp nu waar het hier op Grada om gaat.

Ik ben verliefd geworden op deze plek. Ik voel dat hier werkelijk om mensen gegeven wordt. Hier wil ik mijn leven lang blijven. Ik krijg de status van Visitor en verhuis naar een andere slaapzaal: ‘Bodhidharma’. Mijn naam verandert ook. Die is al van ‘Voodoo’ veranderd naar ‘Ceasar’ en nu krijg ik mijn gewone sannyasnaam terug en er wordt ook een nieuwe foto gemaakt. Mijn financiën moeten ook geregeld worden. Mijn uitkering zet ik op het adres van mama aan het Haringvliet in Alkmaar (9 maart 1984). Mijn hele uitkering gaat naar de commune. Ik weet niet meer hoe het geregeld is met zakgeld, maar ik herinner me dat ik een keer een witte broek gekocht heb. Ik wil er goed uitzien net als één van de jongste vaste bewoners: Kirti, ‘sharp’, macho en ‘cool’. Er waren soms ook uitstapjes in het dorp: ‘Irish Coffee dates’, of die keer dat ik met Ramses chocoladelikeur ben gaan drinken. Ik meen dat Ramses er nog voor op zijn donder gekregen heeft.

Ergens tijdens deze periode ben ik op ‘nightshift’ terwijl de hele staf bij elkaar is in het Samadhihuis. Er wordt vergaderd over het feit dat Ma Anand Sheela heeft geëist dat Grada als therapeutische gemeenschap verdwijnt en op moet gaan in de wereldcommune. Veeresh en de staf gaan niet akkoord en besluiten om niet langer onder de vlag van de officiële Rajneesh communes verder te gaan. Grada heet voortaan ‘de Humaniversity’. Ik weet nog dat ik me heel trots voelde over deze beslissing en de onafhankelijke opstelling van Veeresh.

Later, na het verdwijnen van Sheela en haar kliek zal Veeresh de band met Bhagwan terug aanhalen en zal de naam weer veranderen in ‘Rajneesh Humaniversity’ en daarna volgen nog naamveranderingen. Er komt ook een nieuw logo. Ik weet nog dat ik er met Bavala in PRO aan gewerkt heb.

BTW, een nightshift beperkt zich niet tot het bemannen van Reception gedurende de nacht. Er worden ook ‘security-rounds’ gehouden, zowel binnenshuis als op het buitenterrein (met zaklamp, spannend!). De keuken heeft een maaltijd klaargezet voor in de nacht. We kijken soms ook naar video’s. ‘s Morgens doen we de wake-up van de meditatie-leiders en maken de mensen wakker op de slaapzalen. O ja, ook het ‘schedule’ voor de volgende dag schrijven we op het bord.

De Visitor-periode heeft niet lang geduurd. Ik word gepromoveerd tot Seeker en mag een verdieping hoger in ‘Harlem’ slapen. De Seekers zijn juist bezig om in de avonduren hun slaapzaal grondig te verbouwen. Ze bouwen houten hokjes in twee lagen boven elkaar met elk een bedbodem, matras en wat ruimte om persoonlijke spulletjes op te bergen of neer te zetten. Ik heb volop meegewerkt en krijg daarna ook zo’n ruimte toegewezen. Ik heb nu ook een job als Head of Sanitation / Assistant Head of Sanitation (samen met Sagarpriya) en ben ‘in charge’ van de cleaning in het huis. ‘s Morgens de Tourists verzamelen in de Ping Pong-room en ze een werkje geven. Na de middag moet het hoofd zelf de boel schoonhouden met zijn/haar assistent.

Sagarpriya is een ‘doorsnee’ Nederlandse vrouw, die met haar twee kinderen op Grada komt wonen. Haar man blijft achter, maar komt later ook en neemt zelfs sannyas. Hij heet dan Ashava en is gelijk staflid. Ook zijn business ‘Crossmart’ wordt een deel van de Humaniversity en krijgt een ruimte waar zich ook Finance en het Booking Office bevinden. Later zal Sagarpriya in Alkmaar tegenover mama komen te wonen op het Haringvliet en sterft daar zeer jong aan kanker. Ik herinner me ook nog dat zij als Tourist een bordje moet dragen met daarop: ‘My shit does not smell’.

Een zeer aparte figuur is Don, een sociopaat die het voor elkaar krijgt om tijdens de Dynamic in slaap te vallen! Ik kan me hem ook herinneren in charge van de dishes of een andere job in de keuken. Hij heeft overal lak aan. Stiekem bewonder ik dat, want ik voel me juist altijd overal schuldig over. Ook Laksha is bijzonder. Zij is psychopathisch depressief. Het lukt niet om haar uit haar depressie te krijgen en zij vertrekt met haar zoon naar de commune in Heerde. Ik herinner me nog een andere psychopathische vrouw die ik rond zie lopen met een wekker of iets dergelijks in de vorm van een appel. Ook hopeloos. Ma Pantha is nog een ‘fucked up’ meisje dat in de gaten gehouden moet worden omdat ze anders wegloopt. Ik ben voor één nacht haar caretaker. Ik moet bij haar blijven, ergens in een klein kamertje tussen de verdiepingen: de ‘Kill Your Boss’room, dat gebruikt wordt om af en toe te kunnen afreageren (je kunt er met opgerolde handdoeken op een matras slaan).

En elk weekend is er een therapiegroep waarop mensen van ‘buiten’ deel-nemen. Zij komen vrijdagavond aan en vertrekken weer zondagavond. Vrijdags en zaterdags is er Boozeria waar ook de groupies naar toe komen. Natuurlijk is dat voor veel mensen die hier al langer wonen de gelegenheid om eens een date te hebben met iemand die ze nog niet kennen...Elke groep wordt overigens besloten met een ‘sherry-hour’ met Veeresh en groepsstaf, waarbij iedereen kan vertellen wat er voor hem/haar gebeurd is.

Heel leuk is de date die aangevraagd wordt door een heel mooi meisje dat eerder al groupie is geweest, ik geloof samen met haar vriend. Een aantal weken na die groep vraagt ze de leiding of ze met mij een date kan hebben. Dit kan alleen als ‘guest’ in één van de gastenkamers die gezamenlijk het ‘Hilton’ genoemd worden. Zij betaalt het verblijf! Ik voel me zeer vereerd; jammer dat het maar voor 1 keer is...

Twee maal per week is er ‘s avonds ‘Addiction Workshop’ voor mensen die verslaafd zijn. Ik geef me daar ook voor op, maar het wordt me na een paar sessies duidelijk gemaakt dat verslaving aan sigaretten, suiker en koffie echt niet genoeg is om deel te nemen...

Over sessies gesproken, ik herinner me een sessie waar praktisch de hele commune aan meedoet (?), inclusief de kinderen. Ze hebben van matrassen een omsloten ruimte gemaakt waar je in kan liggen. Dit wordt de ‘box’ genoemd. De bedoeling is dat je dan al schreeuwend je armen en benen zo heftig mogelijk omhoog en omlaag beweegt en zo hard mogelijk op de matras laat neerkomen en je hoofd heen en weer laat schudden. Ik vind dit zeer angstig en breng het er niet goed af, in tegenstelling tot Patanga die het fantastisch vindt!

Ik herinner me ook nog een sessie met Prakash Liesbeth van Satbodh die een massagecursus verzorgt. Raar om haar weer terug te zien. Raar ook dat ze een doorschijnende blouse draagt. In Satbodh zag ze er nooit zo sexy uit.

Soms krijgen we een ‘goodie’, bijvoorbeeld een sauna. De sauna bevindt zich in de kelder naast Debob. Elke dag wordt de sauna door de cleaning weer schoongemaakt. De sauna zelf valt onder het Health-department dat zich tegenover Buddha-room bevindt en geleid wordt door Sangitama. Er staat in de kelder ook een originele Orgone-box (Wilhelm Reich). Ik weet niet meer of ik er ooit ingezeten heb.

Ik meen tijdens één van de marathons (‘3-day Socio-structure’) is er een wedstrijd in de Boozeria wie er het best kan dansen. Ik doe ook mee, want ik dans heel graag. Nou, dat was dus een afgang en dat vind ik best moeilijk.

Ook in deze periode wordt het duidelijk dat er een epidemie bezig is van een ziekte die AIDS genoemd wordt. Sommige bewoners hebben het over een staflid dat een tijdje geleden (vlak voor mijn komst) overleden is aan een geheimzinnige ziekte. Het lijkt erop dat dit AIDS geweest moet zijn. Bhagwan wil zijn mensen hiertegen beschermen en vaardigt uit dat seks in zijn communes voortaan gedaan moet worden met dunne chirurgische handschoenen aan. Behalve de doosjes met condooms die overal in huis aanwezig zijn komen er nu sekspakketjes waarin zowel condooms als handschoenen zitten. Ik geloof dat de meeste mensen zich hieraan houden, mezelf incluis, maar het wordt ook wel eens ontdoken, want leuk is anders...

Ik kan het me niet meer herinneren, maar ergens in deze periode bezoeken Ida en Lucia mij op Grada. Ik betaal haar kamer in het Hilton en Lucia slaapt in Jesus House.

Ik ben ook nog een tijdje hoofd van het kidshouse (‘Jesus House’, later ‘Adventure House’) geweest. Wat een ramp. Dat ging me totaal niet af. Ik herinner me nog dat ik een ‘haircut’ kreeg van staflid Arhata, omdat ik te weinig zorg zou dragen. Ze heeft waarschijnlijk wel gelijk, maar aan de andere kant: het is ook beslist niet gemakkelijk. Het is bijvoorbeeld altijd een probleem om het juiste eten uit de keuken van het hoofdgebouw te krijgen. Ik zit daar met de kinderen van Dwarika en Moonje, met Dagne en Ernst Jan van Sagarpriya, Jonathan van Nirmala, die er zelf vaak niet is, baby Laya van Suvarna, de kleine Ko-Hsuan, mijn eigen dochter Patanga en nog vaak kinderen van ‘guests’. Ernst Jan en Jonathan zijn daarbij ook nog ‘moeilijke’ teeners (ik heb ze zelfs met een geweer zien rondlopen). Ik organiseer slumberparties en ouderbijeenkomsten, maar het blijft een chaos, hoofdzakelijk omdat de ouders allemaal in therapie zijn en wat anders aan hun hoofd hebben, mezelf incluis.

Alle leerplichtige kinderen van de residents gaan naar een Freinet-school ergens in Egmond binnen. Ook dat moet dus geregeld worden, na het douchen, aankleden en ontbijten...Fenna, die verstandelijk gehandicapt is wil vaak haar bed niet uit om naar school te gaan en is zeer moeilijk op gang te krijgen. De kinderen worden onder begeleiding op de fiets naar school gebracht en gehaald.

Ik kom daarna, denk ik, in Debob te werken als assistent van Virato, niet direct de meest happy figuur van het huis. Later ben ik ook nog zelf hoofd van Debob geweest. Ook deze job ligt me voor geen meter. De staf vindt dat ik meer onder de mannen moet zijn; nou dat zal wel, maar ik vind het doen van klussen en reparaties helemaal niet leuk (de muren afspuiten met zo’n hogedrukspuit, dat vind ik dan weer wel gaaf), maar ik heb er wel geleerd om leiding te geven. Ik herinner me nog dat ik tijdens een ‘general meeting’ een ‘haircut’ geef aan mijn assistent Matthias, die voortdurend de boel loopt te ondermijnen. Ik herinner me ook Geha, een zeer vreemd meisje, dat voorheen in de keuken werkte. Ze is niet in staat om normaal werk te doen en dus laat ik haar de bakken met schroeven, moeren en andere prullen sorteren.

Boven achter het gebouw is een gigantische ruimte die de ‘Chapel’ genoemd wordt, met glas in loodramen. Het zou kunnen dat daar ook werk verricht wordt door Debob. Ook de ‘shit-pump’ achter het huis moet vaak gerepareerd worden. Er bevindt zich daar ook een hok, dat vroeger voor ganzen gebruikt is geweest. Als de Humaniversity wordt hernoemd tot ‘Rajneesh Humaniversity’ krijgt dit hok de naam die ze in Oregon hebben bedacht voor ons: ‘Kfar Rajneesh’. Dan is er nog de open ruimte ‘Socrates’, waar wel eens sessies gehouden worden en een grote ruimte achter de pavillions dat later de Dojo zal worden. De ruimte is volgestouwd met rommel en opgeslagen spullen van de bewoners.

Het leukste werk is het werken in PRO met Bavala: werken aan de Grada Mirror, later Humaniversity Press, affiches en buttons ontwerpen en maken, kortom, al het grafische werk. PRO zit in een soort verbindingsgang tussen twee pavillions en dus los van de drukte van het hoofdgebouw. Soms doen we een marathon en werken een hele nacht door, op muziek van Pink Floyd. Er werkt daar soms ook ene Miguel uit Uruguay, sympathieke gast en ook Simant is daar later vaak van de partij. Helaas is het werken in PRO altijd maar tijdelijk, gewoon omdat er nooit zoveel werk is en Bavala het wel alleen afkan...

In augustus vindt er een maand lange groep plaats die ‘Bodhidharma’ genoemd wordt. De bedoeling is dat op het eind van de maand iedereen in ‘bliss’ is. Een van de weekendgoepen in de Bodhidharma is de Theatergroep met Albert Mol die altijd wordt afgesloten met een theatervoorstelling voor de hele commune in de Ping Pong-room. Ik zie nog Ma Pujarin verkleed als dwerg met de andere groupies door de zaal lopen al zingend: “Hey ho, hey ho, it’s off to work we go!”; Later zal de Bodhidharma nog door een aantal naamveranderingen gaan, waarvan o.a. ‘Giggleshock’ me nog bijgebleven is. Daarna kwamen Googolplex, Osho’s Dream en Osho’s Delight. Nu heet het al een tijd de ‘WOW’ groep.

Een aantal keer is er een algemene alarmoefening waarbij iedereen onmiddellijk en zo snel mogelijk zich op moet stellen op de parkeerplaats. Er wordt getimed hoe lang we erover doen. Hellmut is hiervan in charge. Er wordt ook een grote EHBO-oefening gedaan, waarbij er zogenaamd gewonden liggen in de pavillions. Ik ben één van de gewonden en wordt ‘gered’ en op een brancard gelegd en naar buiten gebracht.

Ik weet niet meer precies waarom maar ik wordt ‘getrouwd’ met Ma Ambhanidi, die eigenlijk voor de vrouwen is. Ik vind haar wel tof en grappig, ondanks haar neiging tot bitchyness. We hebben een gezellige tijd en feitelijk zijn we nog steeds getrouwd, want het huwelijk is nooit ontbonden :-).

Ik heb op een gegeven moment heimwee naar een gewoon leventje. Gewoon even normaal doen in een huiselijke sfeer. Ik vraag een dag vrij, een ‘leave of absence’ en breng Marianne een bezoek die op dat moment samenwoont met haar Marokkaanse vriend Aziz in één van de grote Zaandamse galerijflats (of daar in de buurt). Aziz ziet dit helemaal niet zitten en is stikjaloers. Als wraak op mijn bezoek vernielt hij al onze plakboeken die Marianne nog altijd heeft bijgehouden.

Varuni, ook een Seeker werkt in het Samadhi House en is upset over hoe de stafleden daar hun troep laten liggen. Ze zegt ongezouten haar mening en wordt onmiddellijk door Veeresh benoemd als vaste caretaker. Ik ben best jaloers op haar moed.

Tijdens mijn verblijf gaat het ook uit tussen Veeresh en Samadhi. Samadhi is voortaan met Hellmut en Veeresh verhuist naar het pavillion Buddha House, dat vanaf dan ‘Veeresh House’ wordt genoemd. Al gauw komt ook Premdip daar wonen.

Typisch aan Grada is dat elk ogenblik beslist kan worden dat het ‘schedule’ wordt omgegooid en dat er een nieuwe structuur wordt opgezet, bijvoorbeeld in de vorm van een 3 daagse marathon, waarbij er 2 nachten niet geslapen wordt en de hele commune moet overleven op bier en misosoep, terwijl er intense groepstherapiën plaatsvinden. Mijn persoonlijke record is meer dan 60 uur zonder slaap. Zeer vreemde ervaring.

Andere, zogenaamde ‘3-day Socio-Structures’ zijn: de ‘Prison’, waarbij de commune opgedeeld wordt in gevangenen en cipiers, het ‘Red Light District’: helft van de commune speelt prostitué, de andere helft klant en er is ook een keer een structuur waarbij de ene helft van de commune 3 dagen lang op een matras blijft liggen en door de anderen verzorgd wordt. Ik meen me te herinneren dat ik verzorger ben.

En dan natuurlijk de moeder van alle marathons: de AUM-marathon (Awareness - Understanding - Meditation), een groep die nog uit Poona stamt en door Bhagwan aan Veeresh gegeven is. Het maffe is dat ik me praktisch niets meer kan herinneren van wat er zich allemaal afspeelde in die marathons. Ongetwijfeld allerlei vormen van encounter, flushing en lichaamswerk.

Of er wordt beslist dat het hele huis, tijdens een volle maan, een nacht lang een ‘crazy group’ doet, waarbij iedereen zijn/haar krankzinnigheid kan uitleven. Fantastisch! Ik kan zowel deelnemen als mee helpen leiden. Bavala draait loeihard ‘A saucerfull of secrets’ van Pink Floyd. Mijn persoonlijke gekte is ‘schemerlamp’ spelen: verlamd van angst niets doen (‘katatonisch’). Anderen zijn stukken expressiever en het is dan ook een kabaal vanjewelste. Super!

Het is ook gebeurd dat de Citizens een dag lang in charge zijn. De staf doet zijn eigen ding en bemoeit zich niet met de commune. Op dat moment ben ik ook Citizen (of Seeker, dat weet ik niet meer) en heb ik de tijd van mijn leven. We zetten het hele huis op stelten en gaan de hele nacht door, gewoon puur voor de fun. De Tourists en Visitors kunnen er niet mee lachen en blijven in hun weerstand zitten. Sat Savya is in charge van het hele gebeuren.

En ook de kinderen zijn een dag lang de baas en bepalen wat er die dag gebeurt. Patanga heeft het hierbij reuze naar haar zin en doet vol overgave haar ‘Meester Kwel’ding!

Een andere onderbreking van het schedule is de ‘general meeting’, waarbij de hele commune, inclusief staff, kinderen en de boxers Swabu en Manushka, plaats neemt op matrassen in de Ping Pong-room, netjes bij elkaar in peergroups. Daarbij moet je er wel voor zorgen dat je schoenen op de gang mooi recht staan. Altijd aware zijn. Veeresh spreekt vervolgens de commune toe. Dit kunnen zowel heugelijke als minder leuke mededelingen zijn. Swabu is overleden bijvoorbeeld en Veeresh is heel verdrietig en wil dit delen met iedereen. Of wij zorgen niet genoeg voor elkaar en het huis. Of er is gestolen. Mensen krijgen ‘haircuts’: ze worden toegeschreeuwd en moeten daarbij zwijgen en de mededeling passief in ontvangst nemen. Ik heb zelf ooit een ‘positive haircut’ (met flesje bier) gekregen van Hellmut, een enorme opsteker! Op een keer duurt het wel erg lang voordat de staf plaatsneemt en Patanga krijgt het op haar heupen. Ze neemt plaats in de grote stoel van Veeresh en begint de commune toe te spreken. Als de staf binnenkomt vindt Veeresh dit wel amusant en ze gaan samen op de foto.

Nog een opsteker is dat ik een keer voor de hele commune Indonesisch mag koken. Ik ben in charge van de keuken, bepaal welke boodschappen gedaan moeten worden (het boodschappenlijstje wordt gecheckt door Shikara en aangepast aan wat mogelijk is) en heb het overview tijdens het koken. Het wordt een succes. Iedereen in de eetzaal roept ‘Kitchen!’ en roffelt loeihard op de tafels!

En dan natuurlijk dat ik ‘gepromoveerd’ wordt tot Citizen (in feite zijn de Citizens in twee groepen verdeeld: Re-entries en een stapje hoger in de hiërarchie, de Graduates) en verhuis naar een gedeelde kamer in het Penthouse, bovenin het grote huis. Ik heb het gevoel dat ik het ‘gemaakt’ heb. Voortaan zit ik niet meer in de ‘structure’ en hoef me niet meer aan het ‘schedule’ te houden. Ik moet enkel mijn werk goed doen en meehelpen het huis draaiende te houden. Daarnaast help ik mee de ochtendmeditaties te leiden en mag ik ook barshifts doen in de Boozeria. Leuk! Ik leer cocktails maken als ‘Tequila Sunriser’ en ‘Sex on the Beach’.

Citizens zitten niet in de structure, maar kunnen wel af en toe een weekend-groep meedoen. Een van de groepen waaraan ik meegedaan heb wordt gegeven door een dehypnotherapeut, wiens naam ik vergeten ben. Het is een ‘zachte’ groep en ik vind het een verademing na alle encounter en bio-energetica.

Ik weet nog dat het op een gegeven moment financieel helemaal niet goed gaat. In de pavillions moet er veel minder gestookt worden om brandstof te sparen. Om geld te verdienen worden er aandelen verkocht van Bradford, de BV die de financiën regelt van de Humaniversity en onder leiding staat van Shikara. Alle bewoners wordt aangeraden om aandelen te kopen. Ik heb ook nog zo’n ‘Bradford share’ gehad. Later zijn die aandelen weer ingenomen en uitbetaald. Ondanks de geldproblemen presteert Veeresh het om voor al zijn stafleden een duur horloge te kopen als opkikker en om hun weer vertrouwen in de toekomst te geven!

Shikara woont trouwens in een aparte ruimte tussen de tweede verdieping en het Penthouse, die ‘Pandora’s Box’ genoemd wordt. Ik vind hem een geheimzinnige figuur, die als keurige accountant helemaal niet lijkt te passen tussen de freaks en misfits. En toch past dat juist wél!

Er wordt trouwens ook geld verdiend aan het verkopen van sweatshirts aan bewoners en groupies. Ik heb er zelf ook een aantal gehad en heb ze met trots gedragen! Ik herinner me nog een sweatshirt met ‘Love is the answer’ er op en iets met 1984.

Ik ben een keer met nog iemand naar het strand gegaan en Pujarin komt bij ons zitten. Ze is in tranen. Ik heb haar nog nooit zo gezien. Ze komt meestal imposant over en lijkt onkwetsbaar. Ook de grote Pujarin is maar een mens, zo blijkt. Ze is dankbaar dat ze gewoon naast ons kan zitten...

Over de zee gesproken. Ik herinner me ineens een Japanse bezoeker die ‘Banzai’ genoemd wordt. Hij neemt ons begin april mee naar de zee (ik ben dus nog Visitor of net Seeker). Het is bitterkoud. We moeten vanaf het huis hardlopend naar het strand, daar snel onze kleren uitdoen en dan hand in hand allemaal tegelijk in zee rennen terwijl we luid ‘Banzai!’ roepen. Ik ben best trots dat ik dit gedaan heb!

We hebben een keer bezoek van een bijzondere man, die ooit de mentor is geweest van Veeresh als hoofd van Phoenix House in New York: Frank Natale. Hij heeft een speciale cursus ontwikkeld en komt die bij ons introduceren. Eerst is de staf aan de beurt en daarna de Citizens. Er is ook een ‘general meeting’ met Frank, waarbij er vragen gesteld kunnen worden. Ik stel hem de vraag of hij verlicht is. Hij antwoord: “meestal”... De cursus die Frank geeft heet de ‘Results Course’ en gaat uit van het idee dat je zelf de loop van je leven bepaalt en dat als je echt helder bent over wat je wilt in het leven, dan gebeurt dat ook. De adder onder het gras is natuurlijk dat je inderdaad helder moet zijn over wat je wilt. Ik weet nog dat de belangrijkste wens die ik opschrijf is dat ik staflid wil worden...en dat is beslist niet waar, maar dat heb ik op dat moment niet in de gaten.

Als Citizen kregen we ook af en toe onderricht in allerlei aspecten van de therapeutische gemeenschap. Dit wordt gegeven in het Penthouse op een flip-over. Ik herinner me verhalen over de geschiedenis van de TC en over de verschillende vormen van encounter. Ook persoonlijke verhalen van Veeresh en zijn verblijf in Phoenix House kan ik me herinneren.

Veeresh wil dat we ons kunnen verdedigen op een goeie manier. Hij introduceert de Koreaanse martial art ‘Hap Ki Do’ en trekt een trainer van buiten aan, een zwarte man die Robbin Baly heet. Staff en Citizens moeten twee keer per dag (tijdens onze pauzes!) komen opdraven in de Ping Pong-room. Wij krijgen allemaal een zwart judopak en oefenen een uur lang een bepaalde serie oefeningen. De instructeur is behoorlijk streng en vaak doen de oefeningen best zeer, bijvoorbeeld als wij in spreidstand staan en onze voeten met een schop nog verder uit elkaar gezet worden. Alles gaat in het Koreaans, zowel de begroetingsceremonie als het tellen (hana, dhul, seht, nett, enz.) en de namen van de verschillende stoten en slagen (ik herinner me nog: ‘ap-chagie’, of iets dergelijks). Voorafgaand aan de eigenlijke oefeningen is er altijd het accumuleren van ‘Ki’ door ademhaling en een bepaalde beweging met de handen (http://youtu.be/Romi_vxlpqw).

Het is de bewoners streng verboden om drugs in huis te brengen en/ of te gebruiken, maar in die tijd blowen Veeresh en zijn staf vaak dikke joints. Dat kan alleen in het Samadhi House en nergens anders. Enkel de Citizens hebben een geheim contract met de staf om buiten in de duinen te kunnen blowen. Op een bepaalde plek in de duinen naast het huis ligt er hasj (‘boo’) verborgen in het zand. Als nieuwe Citizen wordt ik ook deelgenoot gemaakt van dat geheim. Helaas ben ik ooit zo stom geweest om op mijn eentje in de duinen te gaan roken en stoned weer naar huis te komen. Ik geloof dat het Subhadro was die het door heeft. Dat heb ik dus geweten! Er volgt een encounter van heb ik jou daar in het Penthouse. Vooral Sat Savya heeft flink op me ingeschreeuwd.

Tijdens mijn werk in Debob ben ik ergens op het dak van de Ping Pong-room bezig en ik doe iets stoms. Ik weet niet meer wat, maar ik ben totaal uitgespacet, vandaar. Ik ben vaak ‘spaced out’ en maak fouten omdat ik de hele tijd mijn angst aan het onderdrukken ben. Angst voor op mijn kop te krijgen van Virato. Ik moet toch scherp en alert zijn? Maar zo werkt het natuurlijk averechts.

De laatste job die ik op Grada/Humaniversity heb gehad was hoofd van de coffeeshop. Die was toen naast Debob in de kelder van het grote huis. Telkens als de werkers een pauze hebben stormt het daar vol en moet alles klaar staan. Ik herinner me het snijden van ‘omacake’. In die tijd voel ik me al niet meer zo goed op mijn plaats op de Humaniversity, maar ik ben niet in staat om dit als zodanig te benoemen. Het uit zich in te laat komen, geen zorg dragen en me unhappy voelen...

Dus op een dag (januari 1985 of daaromtrent) wordt ik in het Samadhi House geroepen, samen met nog een aantal mensen, waaronder Suvarna. De staf is niet tevreden over ons. Verschillende mensen krijgen een waarschuwing, maar mij vinden ze (vooral Pujarin) het ergste geval. Ik moet meteen vertrekken samen met Patanga. Ik vind het verschrikkelijk, want ik kan me absoluut geen leven voorstellen buiten de Humaniversity. Op de trap in het grote huis kom ik Kika Mol tegen. Ik kan zolang in haar appartement in Amsterdam verblijven, maar ik moet wel een oplossing zoeken voor Patanga. Dat is dus het einde van mijn avontuur in Egmond. Achteraf ben ik Pujarin nog dankbaar geweest. Ik voelde me niet meer happy daar, maar was niet in staat om zelf het initiatief te nemen om iets anders te gaan doen.

Hier volgen nog een aantal vaste of tijdelijke bewoners die ik me kan herinneren:

Subodhi: rood haar en Française. Leuke meid.

Pragit: Britse swami. Heel gewoon en met veel humor.

Siddhen: Duitse swami, een zachte en sympathieke man. Is later in charge van de Hap Ki Do.

Prabhat: Duitse arts. Op een leuke manier ‘crazy’. Kon ik goed mee opschieten net als trouwens met Smito, nog een arts. Prabhat is met

een vrouw die Gabi heet en hun zoontje Paul. Ik kan me Gabi herinneren als iemand die het moeilijk heeft.

Sugeet: roodharige Hollander met één arm. Werkt op Finance. Ik heb

nooit veel contact met hem en toch mag ik hem wel.

Christine: Kleine Duitse ma met dochter Niro. Mooie vrouw. Lijkt op mijn moeder.

Fabrizio en Cinzia: Italiaans junkie-koppel. Grappige mensen.

Vidhan: Duitse alcoholist die nog het sannyascentrum in Groningen geleid heeft. Slikt Antibuse.

Suddha: Ex van Veeresh en moeder van één van zijn kinderen (Frede- ric?). Indrukwekkende vrouw die mij de ‘Turk’ noemt.

Nadamo: is voor mij een rolmodel: Citizen, maar niet overdreven macho. Grappig. Sympathieke gast. Herinner ik me vooral van Reception.

Vatayan: mede-Seeker en alcoholiste. Heb ik een tijdje mee gevreeën. Heeft in de escort-business gezeten.

Veeto: lieve, beetje gezette duitse ma, zonder powertrips. Ook met haar heb ik nooit veel contact, maar toch mag ik haar graag.

De volgende muziek is typisch voor mijn periode in Egmond. Wordt dikwijls gespeeld in de Boozeria, tijdens de ‘dishes’ en in de Ping Pong- room:

High Energy - Evelyn Thomas - http://www.youtube.com/watch?v=c6u- VXJ3x2Sk

All night long - Lionel Ritchie - http://www.youtube.com/watch?v=QiLzi- usKW4s

I am what I am - Gloria Gaynor - http://www.youtube.com/watch?v=uj- 8C43r4zm0

Hot Stuff - Donna Summer - http://www.youtube.com/watch?v=27- TM3q5-Cc

Thriller - Michael Jackson

Beat it - Michael Jackson

Billie Jean - Michael Jackson

alt